written by
Pieter Morisse

Hou vast aan Gods principes.

Podcast - Oog in oog met God 7 min , October 22, 2022

Vanuit het boek Daniël kunnen we leren hoe we als gelovige in de wereld moeten staan. Het volk van Juda was verbannen naar Babylonië. Je kunt dat vergelijken met de kerk die te midden van de wereld staat.
Wij zijn ‘in de wereld’ maar niet ‘van de wereld’. En vanuit het boek Daniël kunnen we heel veel leren over hoe we kunnen omgaan met het ‘in de wereld zijn’ en het niet ‘van de wereld zijn’.
Daniël doet in alle omstandigheden wat de Vader hem heeft voorgeschreven. Hij houdt vast aan Gods principes, namelijk ‘Hou van de Heer met alles wat in je is en hou van je naaste als van jezelf’.

De ballingschap.

Het boek Daniël speelt zich af na de ballingschap van het volk van Juda.
Het koninkrijk Israël werd na David en Salomon opgesplitst in 2 koninkrijken. Het volk van Juda wordt verbannen naar Babylonië. En op verschillende tijdstippen werden mensen van Juda overgebracht naar Babylonië. God had het volk gewaarschuwd dat dit zou gebeuren.

Maar als je goed kijkt naar de situatie realiseer je dat het eigenlijk ook voor een stuk het beeld is van de kerk in de wereld.
Het volk van Juda zit in een vreemd land en ze hebben daar 2 keuzes: ofwel passen ze zich aan aan het land ofwel blijven ze God volgen of gaan ze opnieuw God volgen.
En dat is de keuze waar wij als christen elke dag voor staan. Wij zijn als christen , als kerk wel in de wereld maar niet van de wereld zegt Jezus in Johannes 15: 19. En het is cruciaal dat wij dat beseffen, want op het moment dat wij van de wereld zijn, zijn wij niet meer in Christus.

In Johannes 15: 4 zegt Jezus: blijf in Mij. En in v.6 zegt Hij: als iemand niet in Mij blijft wordt hij buiten geworpen. Dan ben je geen deel van Zijn koninkrijk en ook niet van Zijn lichaam.

God zegt: lauw spuw ik uit.

Als wij als gelovige in de wereld willen staan, moeten wij vasthouden aan Gods principes.
Het begint fout gaan als wij beginnen vermengen. Als wij de principes van de wereld en de principes van God beginnen te mengen. En dat zien we veel vandaag. Maar God zegt: Ik wil koud of warm, lauw spuw Ik uit.

Laten wij Daniël 1 lezen.

Vers 1-4.
Jojakim was koning van Juda. De koning van Babel, Nebukadnezar, belegerde Jeruzalem.
En de Heere gaf Jojakim in zijn hand en een deel van de voorwerpen van het huis van God. Hij bracht die voorwerpen naar Sinear, naar het huis van zijn god.
Nebukadnezar beveelt aan het hoofd van zijn hovelingen dat hij enkele Israëlieten moest laten komen uit het koninklijk geslacht en uit de edelen, die in staat waren dienst te doen in het paleis van de koning. Ze moesten onderwezen worden in de geschriften en de taal van de Chaldeeën.

Heb je je al ooit afgevraagd waarom hij dat doet? Wat is de beste manier om een volk te integreren?
Je neemt enkele van de hooggeplaatsten van dat volk, plaatst ze aan je hof en je integreert ze volledig in je cultuur.

Vers 5-6.
4 mannen worden uitgekozen, namelijk Daniël, Hananja, Misaël en Azarja. Zij worden uitgekozen om aan het hof een opleiding te volgen. Ze moesten ook mee-eten van wat de koning at en mee drinken van de wijn. En de bedoeling was dat ze op 3 jaar tijd volledig zouden passen aan het hof.

Er zit druk achter. De koning wil hen vormen naar het beeld dat zijn koninkrijk heeft.
Dat speelt zich continu af in de wereld. De vijand wil dat christenen gaan doen zoals de wereld, dat ze al hun principes laten vallen en zijn zoals de wereld.
Maar dat is niet wat God wil. En daarom is het zo belangrijk dat wij wel in de wereld zijn, maar niet van de wereld.

Vers 7.
Het hoofd van de hovelingen verandert zelfs hun namen, dat is heel ingrijpend.

En dan komt de reactie van Daniël.

Vers 8-9.
Te midden van die druk zegt Daniël: ik zal mij niet besmetten met de gerechten van de koning en ik zal niet drinken van de wijn. Dat neemt hij voor in zijn hart omdat hij vasthoudt aan Gods principes, hij wil enkel eten en drinken wat God goedkeurt. Daniël gaat naar het hoofd van de hovelingen en hij vraagt of het mogelijk is dat hij dat niet hoeft te doen.
En wat zien we? God gaf Daniël genade en barmhartigheid bij het hoofd van de hovelingen.

Als je vasthoudt aan Gods principes, kun je dingen doen die je niet voor mogelijk houdt.

Vers 10-13.
Wat een vertrouwen heeft Daniël dat het zal goedkomen. Hij houdt vast aan Gods principes en zegt tegen de kamerheer: geef ons 10 dagen, kijk naar ons en dan mag je doen wat je wil.

Vers 14-16.
Daniël wijkt niet af van Gods principes, wat de kost ook is. Het resultaat is dat Daniël en zijn vrienden gezegend worden.

Ik wil elk van ons uitdagen hetzelfde te doen. In alles wat we doen, elke situatie waarin we zijn, moeten wij steeds opnieuw teruggaan naar Gods principes en daaraan vasthouden.

God zegent Daniël en zijn vrienden.

Vers 17.
Omdat zij vasthouden aan Gods principes, geeft God hen kennis en verstand van allerlei geschriften, en wijsheid. En Daniël geeft Hij inzicht in allerlei visioenen en dromen.

Vers 18-19.
Op het einde van die 10 dagen komen ze bij de koning. Er werd niemand gevonden zoals zij, en de koning neemt hen in dienst.

Vers 20-21.
Het resultaat van hun standvastigheid is dat ze er beter en knapper uitzien, en 10x wijzer zijn dan alle magiërs en bezweerders in het koninkrijk van Nebukadnezar.

Te midden van al die luxe, hadden zij kunnen zeggen: het kan geen kwaad. Maar neen, hun reactie was: wij houden vast aan Gods principes.
Als wij als gelovige, als kerk in de wereld willen staan, moeten wij vasthouden aan Gods principes.
Kerken die weggaan van de bijbel en conformeren aan de principes van de wereld, zijn niet meer in het koninkrijk van God.
Het is heel belangrijk dat het Woord van God centraal staat en dat wij geen beslissingen nemen op basis van ons gevoel. Maar dat wij beslissingen nemen op basis van wat God zegt.

Hoe passen we dat toe in ons leven?

We stellen God op de eerste plaats, we houden vast aan Zijn principes, aan Zijn geboden en die geboden zijn: U zult de Heere God liefhebben, met heel uw hart, met heel uw ziel, met heel uw verstand en met heel uw kracht. en het tweede gebod, hieraan gelijk, is: u zult uw naaste liefhebben als uzelf. (Markus 12: 28-34).
Hou van God en je naaste, niet alleen in woorden maar ook in je doen.
Hou van God, dit is naar Hem luisteren, doen wat Hij zegt, Hem volgen en dienen. En hou van je naaste als jezelf, d.w.z. dingen doen voor je naaste waarvoor je niets terug verwacht.

Dat zijn de principes die God ons geeft en je moet die principes toepassen in alles wat je doet in je leven.
Het is niet genoeg om te weten. Je moet ook kijken van: wat ik doe vandaag in mijn leven, klopt dat met wat God zegt dat ik moet doen?

Wat je ook doet in je leven, check het met die 2 geboden. De vriendschappen die ik aanga, de mensen waarmee ik tijd spendeer, hoe ik mij gedraag op mijn werk, de financiële keuzes die ik maak, waaraan ik mijn tijd spendeer, vraag jezelf af: hoe ziet dat eruit in het kader van die 2 geboden?

Volgen wij God of volgen wij Hem niet?

Half en half is tweeslachtig, dat is lauw en dat is niet wat God wil.

Toeschouwer-zijn is niet wat God van ons verlangt.
Hij wil dat we een kind van Hem zijn, dat wij geloven in Jezus Christus, ons leven neerleggen, ons kruis opnemen en hem volgen. Daarom heeft Hij Zijn Zoon naar de wereld gestuurd.
Men is soms zo gefocust op “ je zonden zijn vergeven”. Ja, je zonden zijn vergeven, je bent verlost, maar wat moet je nu doen? Dat is niet het einde, maar het is een begin van een wandel in de Geest, een wandel met Christus. En vanaf dan begin je vast te houden aan Gods principes.

Jezus Christus is voor ons aan het kruis gestorven. Het minste dat je kan doen is uw lichaam wijden aan God als een levend offer (Romeinen 12: 1-2). Dat wil zeggen: Hem dienen al de dagen van uw leven, niet allen op zondag en niet allen als het ons uitkomt.

Als gelovige in de wereld zijn wij verlost uit de handen van de vijand, we zijn gered, onze zonden zijn vergeven en krijgen wij de kans om Hem te dienen, al de dagen van ons leven. Wij krijgen de kans om Gods principes toe te passen, namelijk hou van God met alles wat je in je hebt en hou van uw naaste als van uzelf.
Alles op aarde is tijdelijk, hou daar niet aan vast. Hou vast aan Gods principes, dat is hoe we als gelovige in de wereld moeten staan.

God liefhebben je naaste liefhebben Gods principes vasthouden